STW

14 januari 2015

Geen reacties

Home Blog

Partneralimentatie en samenleven

Partneralimentatie en samenleven

Een casus die helaas veel voorkomt in Nederland, hoewel de ex-partner al samenleefde met een nieuwe partner wilde ze toch nog partneralimentatie ontvangen van haar ex-man, het gerechtshof steekt hier duidelijk een stokje voor.

Zoals bekend heeft een ex-partner recht op een vergoeding na een echtscheiding om te voorzien in levensonderhoud – partneralimentatie genaamd. Dit recht wordt doorbroken als de alimentatiegerechtigde gaat samenleven met een ander.

Alimentatieplicht toch gewoon van toepassing

Gerechtshof in Den Bosch moest een behandeling van de zaak doen want de alimentatiebetalende man had bij de rechtbank aangegeven dat zijn ex-vrouw samenleefde met een nieuwe partner, de rechter vond dit niet zo. Hij bepaalde dat in die situatie de lotsverbondenheid niet doorbroken wordt en de alimentatieplicht dus doorloopt omdat namelijk samenleven ‘als waren ze gehuwd’ niet hetzelfde is als samenwonen ‘als waren ze gehuwd’ er moet namelijk aan meer voorwaarden worden voldaan.
Er is sprake van samenleven met een ander als waren ze gehuwd, als tussen de samenwonenden een affectieve relatie bestaat van duurzame aard die meebrengt dat de alimentatiegerechtigde en die ander elkaar wederzijds verzorgen, met elkaar samenwonen en een gemeenschappelijke huishouding voeren. Hoewel de vrouw erkende dat ze samenwoonde met haar partner, betwistte ze dat er van samenleven of verval van lotsverbondenheid sprake was.

Rechtspraak Hoge Raad in deze casus

De man had inmiddels voor de Hoge Raad zitting ons als Recherchebureau ingeschakeld. Omdat de vrouw toegaf dat ze al langere tijd samenwoonde met haar partner, was daarmee de duurzame affectieve relatie en samenwoning aangetoond. Wat betreft de gemeenschappelijke huishouding en wederzijdse verzorging blijkt dat van de bedoelde huishouding en verzorging onder meer sprake is als de samenwonenden hetzij bijdragen in de kosten van de gezamenlijke huishouding, hetzij op andere wijze in elkaars verzorging voorzien.

Daar bleek uiteindelijk, door constateringen van het recherchebureau, in het geval van de vrouw sprake van, waardoor aan alle criteria was voldaan. De lotsverbondenheid (en daarmee de alimentatieplicht) tussen de man en de vrouw was komen te vervallen vanaf het moment dat de vrouw ervoor had gekozen om te gaan samenleven met haar partner en daarop van meet af aan haar hele leven had ingericht, aldus de Hoge Raad. De vrouw diende de alimentatie die ze vanaf dat moment had ontvangen (en de onderzoekskosten) terug te betalen.

Wilt u meer weten over dit onderwerp kijk dan op www.partneralimentatie.com